
Hoe je je gasten buiten warm houdt (zonder hoofdpijn)
Het probleem bij eten buiten is dat de natuurkunde tegen je werkt. Als je probeert alleen de lucht op te warmen, verspil je je geld. De wind neemt de warmte meteen weg zodra deze uit de verwarming komt.
Daarom gebruiken we infraroodverwarmers die aan het plafond zijn gemonteerd. In plaats van te vechten tegen de wind, sturen deze apparaten de warmte rechtstreeks naar de huid en kleding van je gasten. Het is een directe warmteoverdracht.
Hoe de warmte werkt
Voor dit doel gebruiken we kortegolf-infraroodstraling. Waarom? Omdat deze straling veel beter door de bries heen kan dringen dan langegolfstraling.
Wanneer je deze apparaten in een prieel of hoog plafond monteert, reist de warmte in een rechte lijn. Hierdoor ontstaat er een comfortabele ‘warm zone’ recht onder de apparaten.
En het beste van alles? Het gebeurt meteen. Er is geen wachttijd nodig tot de ruimte opwarmt. Zodra je de schakelaar omzet, voelen de gasten meteen de warmte.
De details van de installatie
Om voldoende warmte te krijgen zonder te veel ruimte in te nemen, gebruiken we apparaten met een hoge vermogensfactor. Maar hier maken mensen vaak fouten: wat betreft de stroomvoorziening.
Je kunt niet zomaar een dozijn 2kW-verwarmers in één stopcontact aansluiten. Dan zal de stoppenkast al snel overbelast raken. We raden altijd aan om voor elke zone een aparte stoppenkast te gebruiken. Dat is veiliger en betrouwbaarder.
Dan is er nog de hoogte waarop de apparaten worden geplaatst. Dat is het lastige gedeelte. Als ze te hoog hangen, verdwijnt de warmte voordat deze de tafels bereikt. Te laag? Dan hebben je gasten het gevoel dat hun hoofden in een oven zitten. We vinden dat de ideale hoogte tussen de 2,5 en 3,5 meter ligt.
Is het het waard?
Denk er zo over: wanneer mensen het koud hebben, willen ze weggaan. Wanneer ze zich comfortabel voelen, blijven ze. Ze bestellen nog een rondje drankjes of dessert.
Het is een simpele formule.
Er is echter één nadeel: het licht. Kortegolfverwarmers geven veel licht af. In een chique, donkere eetzaal kan dit wat te veel zijn. Om dit op te lossen, gebruiken we afgeschermde behuizingen of reflectoren. Op deze manier gaat de warmte omlaag, maar wordt het felle licht niet te veel voor de gasten.